Nieuws Over Informatie Gesproken

'Ik kan wel met een rode kaart gaan zwaaien, maar zo verander je niets'

17
September
2026

Toen Sofie Bustraan een jaar of zeven geleden begon als informatiecommissaris van de gemeente Amsterdam, was openbaarheid vooral een juridische plicht. Vandaag heeft de hoofdstad een Openbaarheidscentrum, een plek waar iedere Amsterdammer terecht kan met een informatievraag. Voor Bustraan gaat openbaarheid dan ook over ‘bereikbaar zijn voor mensen’.

Het Amsterdamse college nam in 2018 een informatiecommissaris in het coalitieakkoord op, met de ambitie vooruit te lopen op de openbaarheidswetgeving. De cultuur die Bustraan aantrof typeert zij als ‘gesloten’. Een Wob-verzoek afhandelen duurde gemiddeld negentien en een halve week. Tweeënvijftig directies en stadsdelen deden het ieder op hun eigen manier. De ene Wob-coördinator was een doorgewinterde jurist, de andere een stagiair die het er een paar weken bij deed. Van inzicht en overzicht over wat er binnenkomt en hoe de afhandeling verloopt, was nauwelijks sprake.  

Eerst faciliteren, dan pas aanjagen

Bustraans opdracht was om de openheid aan te jagen, te borgen en te handhaven. Maar handhaven op iets wat mensen niet kúnnen, werkt niet, besefte ze al snel. “Ik kon wel met een rode kaart gaan zwaaien, maar als mensen niet in staat worden gesteld om te doen wat er moet gebeuren, heeft dat geen zin.” De eerste jaren richtte ze zich daarom naar binnen: goede software aanschaffen, mensen uit al die directies bij elkaar zetten, samen verzoeken afhandelen en het proces optimaliseren dashboards bouwen voor sturingsinformatie. Juist dat samenbrengen bleek al een stukje cultuurverandering.  

“Cultuur verander je niet zomaar. Je verandert gedrag, en stap voor stap, ontwikkelt de cultuur mee.”

Dat het om een cultuurvraagstuk ging, maakte het meteen taai. “Ik heb echt gezocht naar cultuurveranderingsaanpakken die geslaagd zijn. Dat is best moeilijk te vinden, helemaal bij zo’n complex onderwerp”, zegt ze. “Bij openbaarheid gaat het om zoveel tegelijk dat je kleine stukjes moet kiezen waarin je die verandering teweegbrengt.” Een nieuw systeem, een nieuw kader, een opleiding: in elk stukje zat een beetje cultuur.  

‘Is dit het dan?’

Het echte kantelpunt kwam in een collegevergadering, kort nadat de Wet open overheid was ingegaan. Het college bepaalde zijn ambitie: 80 procent van de Woo-verzoeken binnen de termijn afhandelen, alle verplichte categorieën actief openbaar maken. Keurige doelen. Maar toen Bustraan de vergaderkamer uit liep, knaagde er iets. “Is dit het dan? Straks kunnen we afvinken: ja, 80 procent. Maar is de Amsterdammer daar beter van geworden? Is de democratie sterker geworden?”

Iedereen heeft recht op toegang tot informatie, staat er zo mooi in de wet. “Maar dat betekent dus ook écht iedereen”, zegt Bustraan. “Ook mijn bovenbuurvrouw die slecht Nederlands spreekt. Ook mensen die angst voor de overheid hebben, anderstalig zijn of geen digitale middelen hebben. Hoe kunnen zij gebruikmaken van dat recht?” Daar werd het Openbaarheidscentrum geboren: niet alleen documenten online zetten volgens de letter van de wet, maar een plek en een dienst zodat de openheid ook aankomt bij de mensen die je tot dan toe niet bereikte. Ze diende het plan, samen met de Open State Foundation, in als actiepunt in het landelijke Actieplan Open Overheid.

Gedrevenheid

Als kind van een jaar of zeven merkte Bustraan dat de wereld waarin zij opgroeide niet de wereld van iedereen was. “Thuis werd er gediscussieerd en konden mensen het met elkaar oneens zijn.” Haar oma kwam uit Oekraïne, toen nog onderdeel van de Sovjet-Unie. Ze leefde in een dictatuur. Op haar 18e is ze door de nazi’s uit de klas gehaald en is in een werkkamp in Duitsland terechtgekomen. “Zij had angst voor de overheid. Die kon alles met haar inwoners doen, zonder daar verantwoording over af te leggen.” Dat besef werd Sofie’s kompas. “Ik heb de democratie heel hoog zitten, en ik maak me zorgen over de huidige ontwikkelingen in de wereld. Met het bevorderen van openbaarheid hoop ik, al is het maar een klein beetje, bij te dragen aan de democratische rechtstaat.”

Lang hield ze die drijfveer voor zich; ze was opgevoed met het idee dat je privé niet meeneemt naar je werk. Maar met alleen de uitleg van de wet kom je er niet. Dus begon ze haar eigen verhaal te vertellen. “Ik ben niet iemand anders op mijn werk. Mijn persoonlijke ervaringen, inzichten en twijfels neem ik mee.” Het bleek mensen te raken.  

Van dualisme naar samenleving

In het begin dacht Bustraan nog sterk in tweedeling: wij, de gemeente, maken informatie; zij, de inwoners, moeten daar kennis van kunnen nemen. Dat beeld is opgeschoven. Openbaarheid is intern bijna synoniem voor het Woo-verzoek, maar in de dialogen die ze in de stadsdelen voert, hoort ze iets anders. “Inwoners zeggen: ik kan die informatie online wel vinden, maar ik wil gewoon in gesprek komen.” Ze zoekt daarom de samenwerking met bewegingen rond democratisering, participatie, organisatieontwikkeling en juridische vernieuwing. “Als ik de opdracht krijg om dit vanuit openbaarheid te doen, gaat dat in een gemeente met zoveel ambtenaren nooit lukken.”

Haar horizon ligt bij een overheid die tegenspraak niet wegduwt maar organiseert. “Als iemand tegenspraak biedt op een besluit, wil ik dat we intern denken: misschien moeten we heroverwegen wat we hebben gedaan.” Nog een stap verder droomt ze van informatie die overheid en inwoners samen maken, met een gelijkwaardige informatiepositie voor iedereen, zodat de samenleving haar kennis verder ontwikkelt en zo tot betere, bevraagbare besluiten komt. Daarbij hoort ook een spiegel voor de burger: de verantwoordelijkheid voor de democratie ligt niet alleen bij de overheid. “Als we constant in tegenstellingen blijven praten, komen we geen stap verder. We zijn toch allemaal mens.”

Klein begonnen, zichtbaar resultaat

De aanpak is er consequent een van klein beginnen en gaandeweg bijsturen. Open.amsterdam startte met één afspraak bij het Stadsarchief om een publicatiekanaal op te zetten. Ook het fysieke centrum ging eerst ‘heel zachtjes’ open, om te zien of het werkte en of de dienstverleners goed toegerust waren. Tot burgemeester Halsema het in juni 2026 formeel opende en er meer ruchtbaarheid aan wilde geven. Er is nu een maandelijks inloopspreekuur en een tentoonstelling, ‘Jouw stad, jouw informatie’.

Het verschil zit voor Bustraan in de concrete gevallen. Mensen komen vaak met een vraag die verder gaat dan toegang tot informatie. Ze vertelt over iemand met een afgehandeld Woo-verzoek die toch ontevreden bleef. Dat werd buiten de juridische procedure om weer opengebroken. “Het enige wat ik deed, was de partijen bij elkaar zetten en de vragen stellen, zodat men naar elkaar ging luisteren.”  

Wat anderen hiervan kunnen leren

Hoewel Bustraan zich niet ziet als verandermanager, staat ze wel degelijk aan het roer van een complex verandertraject. Dit zijn haar ervaringslesssen:  

Begin gewoon, en klein. “Ik wil niet iemand zijn die eerst een jaar bedenkt hoe we het gaan doen, waarna de wereld morgen alweer anders is en je plannen niet meer kloppen. Je moet ergens beginnen.” Kleine stappen en vervolgens bijsturen.

Faciliteer voordat je handhaaft. Mensen kunnen pas open zijn als ze de middelen, kaders en kennis hebben.  

Schaak op meerdere borden en spreek de motivatie aan. “Voor grote groepen werkt het persoonlijke verhaal, niet per se van mij, maar van inwoners.” Spreek collega’s aan op de democratische waarde achter hun werk, niet alleen op efficiëntie en dashboards.

Vertrouw op elkaars vakmanschap. “Openbaarheid is een vak. Als wij zeggen: dit moet je openen, en het voelt voor jou niet goed, ga dan met elkaar in gesprek over de dilemma’s. Maar vertrouw erop dat we niet openbaar maken om jou voor de bus te gooien, maar om onze democratie sterker te maken.”

Durf te falen en wees er open over. “Iemand zei vorige week tegen me: fouten maken mag niet — het móet, want dat zijn de momenten waarop je het beste leert.” Mislukkingen transparant maken doet recht aan het lerend vermogen van de samenleving.

Sofie Bustraan & het Openbaarheidscentrum

Sofie Bustraan is sinds 2018 informatiecommissaris van de gemeente Amsterdam. Daarvoor werkte ze ruim tien jaar bij het Stadsarchief Amsterdam, onder meer op de afdeling Toezicht, Beleid en Advies. Ze studeerde archiefwetenschappen.  

Bustraan bedacht het Openbaarheidscentrum Amsterdam - het eerste van Nederland - en diende het samen met de Open State Foundation in als actiepunt in het landelijke Actieplan Open Overheid. Amsterdam won de Transparantieprijs in 2023 (open.amsterdam) en in 2025 (het Openbaarheidscentrum). Het fysieke centrum in het Stadsarchief werd in juni 2026 officieel geopend door burgemeester Femke Halsema.

Lees ook onze andere nieuws-items: