Nieuws Over Informatie Gesproken
Van 'Klem in het systeem' naar 'Uit de klem': hoe kan de overheid burgers geven waar ze recht op hebben?
Voor mensen die moeite hebben om financieel rond te komen, zijn er verschillende regelingen die ondersteuning kunnen bieden. Toch maken juist de mensen die deze hulp het hardst nodig hebben er lang niet altijd gebruik van. Dit komt onder andere door ingewikkelde aanvraagprocedures, onbekendheid met regelingen en angst voor terugvorderingen, het zorgt ervoor dat mensen ondersteuning mislopen. Guido Enthoven van het Instituut Maatschappelijke Innovatie (IMI) bracht met zijn eerdere onderzoek Klem in het systeem de omvang van dit probleem in kaart. Nu wil hij met zijn vervolgonderzoek Uit de klem, dat wordt ondersteund door de Maatschappelijke Coalitie Over Informatie Gesproken (MCOIG), een stap verder gaan. Niet alleen onderzoeken waar burgers vastlopen, maar vooral hoe de overheid dit kan veranderen.
"In essentie willen we met Uit de klem kijken naar concrete oplossingen voor mensen in Rotterdam-Zuid."

Van problemen blootleggen naar oplossingen
In zijn eerdere onderzoek bracht Guido de ingewikkelde werkelijkheid van inkomensondersteuning in kaart. Hij onderzocht ruim vijftig landelijke en gemeentelijke regelingen waarmee inwoners van Rotterdam-Zuid te maken kunnen krijgen. Daarbij werden ongeveer 320 unieke informatieplichten geïdentificeerd. Burgers moeten voortdurend gegevens aanleveren, formulieren invullen en bij verschillende instanties opnieuw dezelfde informatie verstrekken.
Wat Guido vooral raakte, was hoeveel mensen geen gebruik maken van regelingen waar zij wel recht op hebben. Volgens hem gaat het bij sommige regelingen om 10 tot 30 procent van de rechthebbenden. Mensen weten niet dat ondersteuning bestaat, vinden het aanvragen te ingewikkeld of zijn bang dat zij later geld moeten terugbetalen.
Mensen met de minste bureaucratische vaardigheden zadelen we op met de grootste administratieve lasten.
Voor Guido was dit een belangrijke aanleiding om verder te gaan met het onderzoek. Hij zag ook de kans om in Rotterdam daadwerkelijk iets te veranderen. Volgens hem is er zowel bestuurlijk als ambtelijk de bereidheid om de problemen aan te pakken.
Met Uit de klem wil hij daarom niet opnieuw alleen de complexiteit van het systeem aantonen. Zijn ambitie is om samen met betrokken organisaties oplossingen te ontwikkelen die het leven van burgers daadwerkelijk gemakkelijker maken.
Wat als de overheid zelf ondersteuning toekent?
Een belangrijk onderdeel van het onderzoek is een pilot met 100 multiprobleemhuishoudens in Rotterdam-Zuid. Dit zijn huishoudens waarin bijvoorbeeld financiële problemen, gezondheidsproblemen of schulden samenkomen. Het doel is om te onderzoeken hoe deze mensen beter geholpen kunnen worden bij het verkrijgen van ondersteuning. Op dit moment ligt Guido's eigen focus vooral op die automatische toekenning, ook wel ambtshalve toekenning genoemd.
Wanneer de overheid al beschikt over voldoende informatie om vast te stellen dat iemand recht heeft op een regeling, waarom zou diegene dan eerst zelf een aanvraag moeten doen?
Guido maakt daarbij de vergelijking met de Belastingdienst. Wanneer iemand belasting moet betalen, kan de overheid zelf een aanslag opleggen. Maar wanneer iemand recht heeft op financiële ondersteuning, moet diegene doorgaans zelf in actie komen.
Volgens Guido zou dat anders moeten kunnen. Zeker voor mensen die moeite hebben met ingewikkelde formulieren of niet weten welke regelingen bestaan, kan automatische toekenning een heel groot verschil maken.
Drie regelingen als startpunt
In Rotterdam wordt momenteel gekeken naar drie regelingen waarmee automatische toekenning mogelijk kan worden gemaakt: de individuele inkomenstoeslag, de kwijtschelding van afvalstoffenheffing en de aanvullende bijstand.
De individuele inkomenstoeslag is bedoeld voor mensen die langdurig van een laag inkomen moeten rondkomen. De kwijtschelding van afvalstoffenheffing biedt verlichting bij gemeentelijke lasten. Aanvullende bijstand kan bijvoorbeeld belangrijk zijn voor mensen die wel werken, maar daarmee onvoldoende verdienen om rond te komen.
Het doel is om te onderzoeken hoe deze regelingen automatisch kunnen worden toegekend aan mensen die ervoor in aanmerking komen. Tegelijkertijd wordt gekeken hoe informatieplichten kunnen worden verminderd. De ambitie is om het aantal gevraagde informatiecategorieën voor Rotterdamse regelingen te halveren.
Dat is volgens Guido een flinke opgave, maar hij ziet mogelijkheden voor vereenvoudiging.
"Stel, je begint met een leeg vel. Hoe gaan we de sociale zekerheid in 2030 in Nederland opnieuw ontwerpen? Dan zou je dat niet doen op de manier waarop die nu gegroeid is."
Een ingewikkelder systeem dan gedacht
De plannen klinken veelbelovend, maar de uitvoering blijkt niet eenvoudig. Guido is momenteel vooral bezig met het samenbrengen van verschillende organisaties en het onderzoeken van de mogelijkheden om gegevens tussen instanties te delen.
"Ik wist al dat het ingewikkeld was en inmiddels ben ik erachter dat het nog ingewikkelder was dan ik vooraf dacht."
Een van de grootste uitdagingen zit in de manier waarop overheidsorganisaties met informatie omgaan. Om bijvoorbeeld aanvullende bijstand automatisch toe te kennen, moet een gemeente weten hoeveel iemand verdient en welk vermogen diegene heeft. Deze gegevens zijn vaak al bekend bij de Belastingdienst, maar kunnen niet zomaar door de gemeente worden gebruikt. Daarvoor moeten organisaties samenwerken en moeten er duidelijke afspraken en wettelijke mogelijkheden zijn voor het delen van gegevens. Wat op papier een eenvoudige oplossing lijkt, blijkt in de praktijk een ingewikkelde opgave.
Daarnaast brengt automatische toekenning allerlei praktische vragen met zich mee. Hoe stelt een gemeente bijvoorbeeld vast of iemand samenwoont en welk inkomen een eventuele partner heeft? En hoe voorkom je dat iemand ten onrechte ondersteuning ontvangt?
Ook de financiële gevolgen spelen een rol. Wanneer meer mensen automatisch krijgen waar zij recht op hebben, kunnen de uitgaven van de gemeente stijgen. Vooral bij aanvullende bijstand kunnen die bedragen volgens Guido aanzienlijk oplopen.
Wanneer is 'Uit de klem' geslaagd?
De ambitie van Guido reikt verder dan het helpen van 100 huishoudens. Hij ziet het onderzoek als een eerste stap naar structurele veranderingen in de manier waarop inkomensondersteuning is georganiseerd.
Voor hem kent succes drie niveaus. Op korte termijn wil hij dat de pilot met 100 huishoudens slaagt en dat deze mensen daadwerkelijk beter worden geholpen. Op middellange termijn hoopt hij dat Rotterdam automatische toekenning op grotere schaal gaat toepassen, het liefst in de hele stad.
Zijn grootste ambitie ligt nog verder in de toekomst.
"Op nog iets langere termijn ben ik blij, maar dan heb ik het over tien jaar, als het sociaal stelsel in Nederland zodanig is georganiseerd dat het veel helderder en makkelijker toegankelijk is voor mensen die het nodig hebben."
Guido is zich ervan bewust dat dit niet van vandaag op morgen zal gebeuren. Het huidige stelsel is door de jaren heen opgebouwd en bestaat uit regelingen die onder verschillende organisaties en ministeries vallen. Toch ziet hij in Uit de klem een mogelijkheid om verandering in gang te zetten.
Daarmee sluit het onderzoek aan bij de ambitie van MCOIG om de informatierelatie tussen overheid en burger te verbeteren. Niet door burgers steeds beter te leren omgaan met ingewikkelde procedures, maar door te onderzoeken hoe die procedures zelf eenvoudiger kunnen worden. Zodat ondersteuning uiteindelijk terechtkomt bij de mensen die daar recht op hebben.
